Vader, wat doet u nou?
De zondag was mooi. In ons streng gelovige dorp was iedereen net naar de mis geweest. Ik weet het nog goed. Ik was net achttien destijds en misdienaar. De kerk had nog veel macht in ons dorp en hield ons in haar greep. Iedereen luisterde altijd goed naar wat de kerk de bevolking oplegde. Elke zondag zat dan bijna de hele gemeenschap in de kerk. De anderen die er niet waren, die konden maar beter gelijk gaan biechten.
Het beviel mij goed om als misdienaar te fungeren. Ik was blij met het aanzien dat ik had en dat ik mijn familie bood. Het was bij ons nog echt een hele eer om misdienaar te zijn. Daarvoor was ik God toen heel erg dankbaar. Ik besteedde mijn tijd waarin ik niet op school was veelal aan de kerk. Ik deed er kleine klusjes. De dominee had al tegen mijn vader gezegd dat er een mooie rol voor mij was weggelegd binnen het kerkelijke genootschap. Ik was verheugd toen ik dat hoorde. Binnen onze gemeenschap kenden we eigenlijk niets anders. Daarom was ik daar toen blij mee. Een televisie hadden we bijvoorbeeld niet.
Na die mis zou ik in de kerk blijven. De dominee had het aan mijn vader gevraagd. Zelf deden ze schijnheilig mee in het waanwereldje dat ze hadden gecreƫerd in ons dorp. Op zondag was het namelijk haast verboden om iets te ondernemen. Iedereen zat binnen met de familie. De kinderen die iets verderop naar de zee gingen, konden meestal de dagen er na niet zitten vanwege de flinke rammel op hun billen. Zo ging het bij ons. Deze dag zou ik dus mogen blijven na de mis. Ik was verheugd, want de dominee had mijn vader gezegd dat het was voor de toekomst. Het zou van belang zijn voor mijn rol in de kerk. Trots had mijn vader toegestemd. In het dorp gonste het gelijk van de geruchten dat ik ooit de dominee zou gaan opvolgen. Het verhaal verspreidde zich als een olievlek op het open zeewater.
Ik was lichtelijk gespannen voor het gedeelte na de mis. Ik vroeg me af wat ik te doen zou krijgen. Misschien moest ik wel met iets simpels helpen? Misschien kreeg ik wel iets geleerd wat voor niemand anders toegankelijk was. De deuren van de kerk werden na de mis gesloten.
De dominee stuurde de rest naar huis. Hij zei dat hij belangrijke dingen te doen had samen met mij voor de toekomst. Het moest wel iets heel speciaals zijn dacht ik, want hij stuurde zomaar belangrijke mensen van de kerk weg. Mensen die normaal een tijd na de mis nog bezig waren met dingetjes in de kerk.
Toen ze weg waren, nam hij me mee naar het altaar. Ik volgde hem als een gehoorzame hond. Het akelig leeg in de kerk. Ondertussen stelde hij me vragen over de bijbel. Die kende ik uit haast uit mijn hoofd. Geen boek had ik vaker bekeken. Daarom kon ik al zijn vragen makkelijk beantwoorden.
Bij het altaar aangekomen, moest ik beloven dat dit geheim zou blijven. De man, die ik constant met Vader aansprak, had ik gelijk beloofd dat hij niet bang hoefde te zijn dat ook maar iets zou uitlekken over deze speciale bijeenkomst.
Hij begon. De man vertelde me dat er sommige dingen altijd binnen de muren van de kerk moesten blijven. Je moest dus trouw zijn aan de kerk en daarbij de kerk niet verraden. Dat leek me logisch.
De man legde een knielmatje voor me neer. Ik wilde gelijk gaan knielen, maar eerst moest ik een gebedje opzeggen. De dominee hield me toen tegen toen ik weer wilde knielen. Hij zei heel kalm dat ik me moest uitkleden. Een beetje verbaasd deed ik het. Ik zag er geen kwaad in. Hij had immers een stapeltje andere kleren achter zich liggen. Ik stond daar in mijn witte onderbroek. Die moest ook uit. Ik wist niet wat ik hoorde. Toch deed ik het. Ik wilde niet dat ik mijn familie ter schande zou brengen. Toen mocht ik,naakt, knielen.
Ik sloot mijn ogen, wachtend op wat komen zou. Ineens hoorde ik wat zacht geritsel. Gelijk daarna voelde ik iets. Iets zat tegen mijn mond en ik kon het niet plaatsen. De dominee hoorde ik zeggen dat ik mocht likken. Ik deed het. Mijn hart sloeg over. Was dit echt? Nu had ik het wel door. Met grote ogen keek ik recht tegen het harde lid van de dominee aan. Zijn eikel raakte mijn lippen. Ik vroeg aan hem, Vader wat doet u nou? Met een lachje zei hij dat ik moest meewerken, want anders zou hij er voor zorgen dat mijn familie vervloekt zou worden binnen onze gemeenschap. Dat was wel het laatste wat ik wilde. Met een zuur gezicht en veel innerlijke strijd ging ik toch maar aan zijn pik likken. Het was vies. Ik likte door. Af en toe likte ik langs zijn schacht naar zijn ballen toe. Ik zag hoe hij genoten. Toen duwde hij zijn lid zonder pardon in mijn mond. Ik moest hem nu wel pijpen. Dit was erg. Ik was niet snel genoeg. Hij pakte me bij mijn oren en begon me in mijn mond te neuken. Dat beviel me niets. Toch kon ik niets anders dan het te laten gebeuren.
Na een paar minuten, die voor mij uren leken, haalde hij zijn harde ondergekwijlde lid uit mijn mond. Mijn speeksel droop er van af. Ik moest blijven zitten. Hij duwde me iets voor over. Dit ging je toch niet menen. Ik kon wel huilen. Toen ik zijn eikel tegen mijn kontgaatje voelde, wist ik het zeker. Hij duwde zonder pardon zijn pik in mijn anus. Die dominee was gewoon een vieze ouwe flikker! Hij begon me te neuken. Het deed hem helemaal niets dat ik pijn had. Hij begon steeds harder te stoten in mij. Ik voelde een traan over mijn wang lopen.
De dominee kwam bij elke stoot diep in mij. Ik voelde zijn harige ballen telkens tegen mijn ballen komen. De rillingen gierden door mijn lichaam. Ik vond het erg. Elke stoot voelde als een kwelling. De dominee genoot hoorbaar. Mijn kont deed zeer en hij bleef maar doorgaan.
Gelukkig kwam er een einde aan. Hij haalde zijn pik uit mijn kont. Dat luchtte op. Het deed nog steeds flink veel zeer, maar die pik was er uit. Hij zei me te bidden. Ik gehoorzaamde. Terwijl ik het Onze Vader op zei, hoorde ik hoe hij voor me kwam staan. Bij Amen aangekomen, voelde ik zijn sperma in mijn gezicht spuiten. Het voelde smerig en warm. Ik zat helemaal onder. Toen kreeg ik van hem een schaaltje met het Heilige water. Daarmee mocht ik me schoon spoelen. Volgens hem was ik nu klaar voor een mooie functie in de kerk.
Die functie is er nooit gekomen. Ik heb nog even gefungeerd als misdienaar, maar ben toen uit het dorp gevlucht. De smerige praktijken van die kerk wilde ik niet meer onder ogen zijn. Sinds die gebeurtenis, is het hele christendom voor mij een illusie.
